14/01/2009

Pro Bruxsel, een nieuwe partij voor 2009 (BDW)

Brussel - Het tweetalige Hoofdstedelijk Gewest bestaat twintig jaar, maar de partijen zijn nog altijd op landelijke leest geschoeid: ze zijn Frans- óf Nederlandstalig. Pro Bruxsel wil daar wat aan doen en richtte vorig jaar een partij op die opkomt voor de Brusselse belangen. Dat is een primeur. "We bestaan zolang we nodig zijn," zegt Thierry Vanhecke, de Nederlandstalige voorman van de partij.

A fspreken doen we in de Sint-Gorikshallen, waar anderhalf jaar geleden Pro Bruxsel werd opgericht. Intussen heeft die beweging de steun heeft gekregen van zangeres Dani Klein van Vaya con Dios. Het is voorlopig de enige grote naam waarop Pro Bruxsel kan bogen, maar dat doet niets af aan het jeugdige enthousiasme waarmee de partij naar de kiezer trekt. In verspreide slagorde dan wel: er komt een lijst aan Nederlandstalige kant en een lijst aan Franstalige kant. Zo wil de wetgever het.

Het is meteen een van de Brusselse ongerijmdheden die Pro Bruxsel aan de kaak wil stellen. "Maar we hebben veel meer te bieden," zegt Vanhecke. "We zijn een divers team met specialisten in onderwijs, toerisme, mobiliteit, leefmilieu, die allemaal met dezelfde visie naar deze stad kijken. Een miniregering, als het ware."


Waarom is uw partij nodig?

Thierry Vanhecke: "De traditionele partijen vertrekken niet vanuit een Brusselse identiteit. Ze worden geleid vanuit de landelijke hoofdkwartieren en kijken door een Franstalige of Vlaamse bril. We weten ondertussen dat er een Brusselse identiteit de kop opsteekt, in meningen die door geen enkele partij vertolkt worden. De Vlaamse Brusselaars bijvoorbeeld raken helemaal ontvoogd, ze weten dat ze baat hebben bij hulp uit Vlaanderen, maar ze willen kunnen opkomen voor hun eigenheid als Brusselse Vlaming. En dan zijn er de Franstaligen, die vinden dat er meer moet gebeuren dan het op de voorgrond brengen van het Frans."

"Men noemt ons weleens de Brusselse N-VA, maar dat zijn we niet. We zijn geen zweeppartij. We willen de aspiraties van de meeste Brusselaars vertegenwoordigen. We willen zeggen: zoals het nu gaat, werkt het niet langer."


Misschien is Pro Bruxsel geen zweeppartij, maar dan wel een one-issuepartij, zonder achterliggende ideologie?

Vanhecke: "Dat kun je zo stellen. Brussel op de kaart zetten, op voet van gelijkheid brengen met de twee andere gewesten, en met een correcte financiering, daar staan we voor. We zijn geen sociaal-democratische, christendemocratische of liberale partij. Als je er toch iets op wilt kleven, dan zou ik het een conviviale partij noemen zoals Ivan Illich (radicale cultuurfilosoof, SVG/DV) dat in de jaren 1960 formuleerde."


U hebt een hekel aan nationalisme, maar propageert u zelf geen Brussels nationalisme?

Vanhecke: "Neen. We willen geen onafhankelijk Brussel. We appelleren aan een Brussels gevoel. We hebben zelfs Nederlandstalige leden die niet in Brussel wonen, maar zich wel Brussels voelen. Die realiteit willen we tot uiting brengen. We tellen ook al heel wat Nederlanders onder onze leden. Het valt op hoe zij op een totaal complexloze manier over de stad nadenken."


Is een interne reorganisatie van Brussel nodig?

Vanhecke: "Het Gewest oefent de voogdij uit over de negentien gemeenten, maar de gemeenten kunnen zonder probleem het beleid van het Gewest counteren. Omgekeerd kan de Brusselse regering een aantal gemeenten die haar politiek goedgezind zijn, bevoordelen. Gewest en gemeenten zouden dezelfde belangen moeten dienen. Ik ben geen voorstander van de afschaffing van de negentien – Antwerpen heeft bewezen dat dit geen goed idee is –, maar we zouden bijvoorbeeld naar een nieuwe stadsindeling kunnen gaan, met een centrumstad en vier of vijf andere delen."


Een nadeel aan een Brusselse gemeenschap, waar u voor staat, is dat de Nederlandstaligen helemaal in de minderheid raken.

Vanhecke: "Dat debat zijn we voorbij. De tweetaligheid is een must, en als we dan toch een Europese hoofdstad zijn, waarom dan ook niet Engels erbij als adminis­tratieve taal?"


Philippe Van Parijs (UCL, Harvard) zegt: taalminderheden verdwijnen, tenzij ze op hun strepen staan.

Vanhecke: "Dat gevaar bestaat, maar Van Parijs denkt na als filosoof en heeft visies op termijnen van dertig, veertig jaar. Dat is heel interessant, maar wat ons bekommert, is de leefbaarheid van de stad voor alle gemeenschappen, hier en nu. En dan volstaat het niet om een flamand de service aan te stellen. Maar je moet nu ook weer niet alles lam leggen omdat er geen tweetalig personeel gevonden wordt."

"Er bestaat wel een ander gevaar bij een staatshervorming waarbij de gewesten meer gewicht krijgen. Vlaanderen, dat een grote meerderheid heeft in dit land, komt dan tegenover twee gewesten te staan die overwegend Franstalig zijn. Als die twee één lijn trekken, dan veroorzaakt dat een democratisch tekort, omdat een minderheid dan de meerderheid dicteert. We willen uit die logica stappen. Het Brussels Gewest is niet Vlaams, niet Waals, maar Brussels. Met openheid naar de andere gemeenschappen en in evenwaardigheid en respect voor de Duitse gemeenschap willen we komen tot een model waarbij we niet telkens in een gevecht van man tot man verzeild geraken. Want die permanente spanning maakt het onmogelijk om de echte problemen aan te pakken."

"Pro Bruxsel mag wat mij betreft na verloop van tijd verdwijnen. Als de Brusselaar een volwaardig gewest heeft, dan hoeft Pro Bruxsel misschien niet meer."


Kunt u niet terecht bij de klassieke Vlaamse partijen? De geschiedenis heeft bewezen dat nieuwe partijen vaak geen lang leven beschoren zijn.

Vanhecke: "Ik heb de beste contacten met mensen van SP.A, Groen! en Open VLD. Ik vind overigens dat Agalev indertijd een historische kans gemist heeft om in Brussel samen met Ecolo een partij te vormen. Maar we komen met een eigen partij op, precies omdat de klassieke partijen met handen en voeten gebonden zijn aan de Vlaamse of Franstalige partijstructuren."


Wie is Thierry Vanhecke?

De tweetalige Thierry Vanhecke is een Antwerpenaar die in Brussel bleef wonen na zijn studie sociologie aan de VUB. Hij woont hier intussen meer dan dertig jaar en noemt zich "meer Brusselaar dan Antwerpenaar". Hij werkte als hoofdredacteur van het architectuurtijdschrift A+, was opdrachthouder voor de Vlaamse regering in stads- en dorpsontwikkeling en werkte ook als consultant op het kabinet van toenmalig minister Jos Chabert (CD&V). Vandaag is hij in het Brussels parlement hoofdredacteur bij de dienst Verslaggeving.

Steven Van Garsse & Danny Vileyn © Brussel Deze Week

12/01/2009

Bon anniversaire Bruxelles.

Messieurs Moureaux et Dehaene, vous n’avez pas achevé le travail…

Dans toute la presse s’étale votre mutuelle (auto)satisfaction : vous avez réussi, contre toute attente, à donner naissance à la Région bruxelloise. C’est bien, et les Bruxellois vous remercient de leur avoir donné l’occasion d’exister.

Bien sûr ce fût difficile, ce fût long. L’accouchement ne requit pas une césarienne mais la durée exceptionnelle de la gestation justifia l’emploi des forceps laissant de lourdes séquelles telles qu’une extrême faiblesse (financière) congénitale et une incapacité de se gérer sans l’aide toujours «bienveillante», voire condescendante, de ses tuteurs. D’aucuns se plaisent à croire que cette situation de dépendance est irréversible.

Cependant, même les enfants fragiles grandissent et atteignent un âge auquel il est naturel de se lever, de se rebeller, de s’opposer à l’autorité de tutelle, de marcher seul, parfois en boitant, mais seul, sans vouloir demander de l’aide. Par fierté sans doute, mais surtout parce que l’enfant, sortant de l’adolescence veut voler de ses propres ailes, revendique la part d’héritage à laquelle il a droit. L’enfant, même le cadet, le faible, le moins bien doté a droit à la même considération que ses frères et sœurs mieux nés qui ont sans doute bénéficié de plus d’attention des parents.

Chacun s’affranchit de l’autorité parentale trop contraignante. Chacun veut montrer que, disposant des mêmes conditions que les autres, il peut être la fierté des siens et leur apporter sans doute davantage même que ce qu’il a reçu.

Aujourd’hui, la Région bruxelloise a vingt ans, elle sort de l’adolescence et aborde sa vie d’adulte. Elle réclame sa place autour de la table familiale, pas un strapontin, une chaise comme les autres et veut s’exprimer car elle a des choses à dire ; elle sa vie à faire à côté de ses sœurs - les Régions flamande et wallonne -. Pour cela il faut lui donner les mêmes moyens au moins en fonction de ce qu’elle apporte de joie et de satisfaction à la famille.

Le Région bruxelloise veut son autonomie et sa reconnaissance, en psychologie cela s’appelle «tuer le père», alors Messieurs Moureaux et Dehaene n’ayez crainte ce n’est qu’une expression, mais pensez aujourd’hui à ce petit être chétif que vous avez fait naître il y a vingt ans et posez-vous la question : n’est-il pas temps de lui donner enfin ce dont on l’a privé pendant si longtemps ?

Gelukkige verjaardag, Brussel!

Mijnheer Dehaene, mijnheer Moureaux, jullie hebben de opdracht niet afgewerkt…

Vandaag lezen we in alle kranten en tijdschriften hoe tevreden jullie wel zijn over het verrichtte werk en om, tegen alle verwachtingen in, een Brussels Gewest in het leven geroepen te hebben. Goed zo; de Brusselaars danken jullie van harte hen de kans gegeven te hebben om te bestaan.

Het was inderdaad een lange lijdensweg. De geboorte vergde geen keizersnede maar de ezelsdracht zorgde er wel voor dat er een verlostang nodig was die tal van blijvende letsels veroorzaakte: de extreme, aangeboren (financiële) zwakte van de boreling en de onmogelijkheid om zich te bestieren zonder de nodige “minzame” (of neerbuigende?) hulp van de voogden. Sommigen waren de mening toegedaan dat deze afhankelijkheidssituatie onomkeerbaar is.

Desalniettemin groeien zelfs tengere kinderen op en halen de leeftijd waarop het normaal is om het hoofd te heffen, zich te verzetten tegen het ouderlijk gezag, te rebelleren; om alleen verder door het leven te willen gaan, met vallen en opstaan.

Dit gebeurt wellicht vanuit een fierheidsgevoel; hoe dan ook, de tiener wil zijn eigen weg gaan zoals anderen hem dat hebben voorgedaan. De jongste, de laatstgeborene, de als zwak aanziene heeft hoe dan ook recht op respect en aanzien van de oudere broers en zussen die wellicht meer aandacht genoten van de ouders.

Elk kind zet zich vroeg of laat af tegen ouderlijke betutteling. Elkeen wil aantonen dat hij of zij, mits over dezelfde middelen te beschikken als de anderen, eveneens de fierheid van de groep of familie kunnen zijn en wellicht meer bijbrengen dan dat hij of zij zelf ontvangen in den beginne heeft.

Vandaag viert het Brussels Gewest zijn twintigste verjaardag, de adolescente jaren zijn voorbij en de jaren van volwassenheid zijn aangebroken. Het Gewest claimt een volwaardige plek aan de tafel: geen klapstoeltje maar een èchte zit zoals de anderen, want het heeft heel wat te vertellen en wil zich een toekomst verzekeren naast de grotere broers, het Vlaams en het Waals Gewest. Het heeft dan ook recht op dezelfde aandacht en dezelfde middelen als de anderen, des te meer wanneer het instaat voor taken en opdrachten die het alleen moet waarmaken.

Het Brussels Gewest eist zijn volwaardige erkenning en autonomie op. Psychologen noemen dit ‘de noodzakelijke vadermoord”. Mijnheer Dehaene, mijnheer Moureaux, dit is enkel beeldspraak, maar bekommer u even om dit kleine, nietige wezen dat jullie in het leven hebben geroepen en stel u daarna de vraag of de tijd niet gekomen is om het Gewest die zaken te bezorgen waarop het de facto recht had, maar tot hiertoe geen aanspraak mocht maken.

01/01/2009

Bonne année 2009 !

Pro Bruxsel vous souhaite une excellente année 2009 et plus particulièrement une Région bruxelloise à part entière et correctement financée pour le mieux être de tous les Bruxellois.

Gelukkige Nieuwjaar !

Pro Bruxsel wenst U een schitterend 2009 toe, wensen die eveneens gaan naar een volwaardig en rechtmatig gefinancieerd Brussels Gewest dat zal opkomen voor het welzijn van, en meer welvaart voor alle Brusselaars.